Us Teddy

US-Teddy: lijkt op de Rex, maar is toch een ander ras. Heeft ook rechtopstaand haar, maar is veel zachter. De Teddy mag geen krullen hebben. Beide rassen hebben geen extra haarverzorging nodig.

 
Definitief erkend: in Nederland  


Soorten:
US-Teddy driekleur zwart-rood-wit
US-Teddy zwart-wit
US-Teddy wit-donkeroog
US-Teddy choco-rood-wit
US-Teddy rood-wit
Land van oorsprong :Amerika
Genetische formule :fz
Bij het beoordelen van cavia's op een tentoonstelling worden bepaalde punten toebedeeld aan bepaalde eigenschappen.


De Puntenverdeling:
1. Type en bouw = 20 punten
2. Grootte = 10 punten
3. Beharing en beharingsconditie = 20 punten
4. Kop, ogen en oren = 15 punten
5. verschilt per ras
6. verschilt per ras = (5 en 6) 30 punten
7. Lichaamsconditie en verzorging = 5 punten
1. Type en bouw:
De cavia moet een sterk en krachtig gespierde indruk geven, dit komt vooral tot uitdrukking in een samenspel van een goede kop, krachtige nek en de hoge brede gespierde schouder een brede gevulde borst en ribbenpartij. De bouw moet krachtig, kort en geblokt zijn.


2. Grootte:
De cavia moet groot zijn, zonder grof, lomp, dik of vet te zijn (dit in verhouding tot leeftijd en variëteit). Een goede volwassen cavia weegt ongeveer tussen de 900-1200 gram.
3. Beharing en beharingsconditie:
De beharing is zacht en kort staat bijna loodrecht op de huid ingeplant, wat ook het teddy uiterlijk geeft. De maximum haarlengte is 2 cm. en zo egaal mogelijk. De ideale beharingsconditie bij het tentoonstellingsdier is een geheel doorgehaarde beharing , niet enkel in 't rondt vliegende haren,
maar sterk loslatend haar is als verharen te beschouwen.


4. Kop, ogen en oren:
De kop: krachtig ontwikkeld, met flinke breedte tussen oren en ogen, een fraai afgeronde stompe
snuit met gebogen neusbeen en heeft goed ontwikkelde wangen.
De ogen: de ogen zijn groot en rond van norm en helder en iets uitspringend.
De oren: de oren zijn vlezig en vertonen in het midden een lichte golf. Zij worden enigszins
afhangend gedragen, en zijn onbehaard.Gebit: in de bovenkaak bevinden zich 2 snijtanden en aan weerszijden 4 kiezen. In de onderkaak 2 snijtanden en aan weerszijden ook 4 kiezen.


5. Kop, lichaamsbeharing en structuur:
De beharing op de kop is iets korter dan de lichaamsbeharing, deze wordt vanaf de snuit geleidelijk iets langer, en bereikt achter de wangen en achter de oren de juiste lengte. De lichaamsbeharing is zo egaal mogelijk en kort, de grannenharen mogen niet boven de beharing uitsteken. De buikbeharing is korter dan de lichaamsbeharing die glad aanliggend moet zijn. De gegolfde beharing is veerkrachtig,
is zeer dicht en vol ingeplant. De beharingsstructuur is zacht. De haartoppen zijn licht gebogen . Bij een lichte druk op de beharing moet deze onmiddellijk terug springen . De snorharen zijn glad en vertonen iets golving.

6. Kleur en kleurverdeling:
Alleen erkend in rood-zwart- wit . De eisen voor de kleurverdeling worden niet zo strak aangehouden als bij de cavia met normaalhaar. Bij driekleur moeten minstens de drie kleuren op iedere zijde aanwezig zijn, inclusief de kop.


7. Lichaamsconditie en verzorging:
De cavia moet stevig en gespierd aanvoelen, goed bevleesd zonder vet of mager te zijn en vrij van klitten en beschadigingen. De ogen moeten helder zijn en tintelen van vitaliteit. De nagels mogen niet te lang zijn en moeten zonodig geknipt worden, zodat zij evenwijdig staan met het loopvlak.


Lichte Fouten:
Iets te ruwe, niet veerkrachtige beharing, Iets dunne beharing. Iets lange beharing . Iets fletse kleur, iets grannen, iets krul vorming in buik bij jonge dieren.


Zware fouten:
Te ruwe beharing. Te weinig veerkracht, te dunne beharing, Beharing langer dan 2 cm, Gekrulde beharing aan buik, Te fletse kleuren, Te veel grannen, Minder dan drie kleurvelden aan een zijde, bij drie kleur.