Het katten AIDS virus { FIV }



Het katten AIDS virus is een virus wat uitsluitend bij de kat voorkomt, dus deze is niet besmettelijk voor de mens, hierover bestaat nog altijd veel verwarring. Het katten AIDS virus, ook wel Feline Immuno-deficientie Virus. De F staat dus voor Feline, de latijnse naam voor kat. Deze ziekte komt eigenlijk uitsluitend voor bij niet-raskatten. Waarom raskatten deze ziekte niet krijgen is op zich logisch, deze katten lopen in de regel niet buiten los, en vechten daardoor ook niet met andere katten. Door speeksel wordt de ziekte overgedragen, en bij vechten onderling is deze kans het grootst. Ook wordt de ziekte overgebracht door sexueel contact, maar vooral door speeksel. De raskatten worden voor een dekking dan ook getest op de eventuele aanwezigheid van het virus, bij de niet raskatten wordt deze test pas gedaan indien er een verdenking bestaat op AIDS, dus niet ter voorzorg. Helaas.

De verschijnselen van het virus zijn erg wisselend, het immuunsysteem wordt aangetast, zodat de kat geen natuurlijke weerstand meer heeft, zelfs tegen de meest simpele kwaaltjes, zoals een verkoudheid is hij niet meer beschermd, zodat de kat daar dan erg ziek van is, terwijl een kat zonder het virus hooguit wat niest. Meestal verschijnen de eerste symptomen 5 weken na infectie. Er zijn vele verschijnselen, de algemene zoals verhoging, lusteloosheid. Tevens zullen de [lymfe] klieren opzetten, maar dat is voor de eigenaar vaak niet goed te voelen. Vaak ook heeft de kat tijden lang nergens last van, tot op een zekere dag de kat rode, gezwollen ogen krijgt, een loopneus die maar niet overgaat, gewichtsverlies, diarree, bloedarmoede [ bleekheid van de slijmvliezen! ], tandvleesontstekingen. Uiteraard hoeft een kat niet alle hier genoemde symptomen te ontwikkelen, maar deze zijn wel het meest typerend. En het belangrijkste hierbij is dan dat deze verschijnselen niet op medicijnen reageren. In dat geval worden de klachten chronisch en zal een goede dierenarts zeker verder onderzoek verrichten door het bloed te [laten] onderzoeken. Is de diagnose katten-AIDS eenmaal gesteld, is er geen geneesmiddel, wel kunnen de klachten verlicht worden. De kat krijgt dan steroiden toegedient, [ vergelijkbaar ongeveer met de Prednisolon die mensen ook krijgen voor diverse ziektes. Soms kan een verandering in het dieet wat helpen, maar eigenlijk is er geen goed middel tegen de ziekte. Beter is dan de symptoom bestrijding, dus welk medicijn tegen welk symptoom? Dus per kat verschillend. De katten kunnen er dan een tijd mee leven.

Als er meerdere katten in het zelfde huishouden wonen, hoeven ze niet apart te verblijven, mits ze goed! met elkaar kunnen opschieten. Wel verstandig is dan om ze gescheiden te voeren, i.v.m. speekseloverdracht. Ook als de katten tè goed met elkaar overweg kunnen en elkaar wassen is het uiteraard wel zaak om de katten uit elkaar te houden.

Er wordt nog steeds onderzoek gedaan naar het voorkomen en eventueel genezen van de ziekte, maar ook dat zit er in de nabije toekomst niet in. Het enige wat men kan doen om de ziekte te voorkomen, is om de kat binnen te houden, of in een afgesloten tuin, zodat ze niet met vreemde katten kunnen vechten. En zo kunnen ze ook niet door auto’s overreden worden of door vergiftiging om het leven komen, maar dat heeft niet met het bespreken van de ziekte te maken….

Gelukkig is de ziekte dus NIET besmettelijk voor mensen, helaas worden er nog te veel katten weg gedaan door onwetendheid. Een kat met AIDS kan nog een behoorlijke tijd ziektevrij leven!!





































Deze bijdrage werd verzorgt door Astrid Schuilenberg

   

- Adverteren - Disclaimer -