Angst bij honden


Veel gedragsproblemen van honden hebben als onderliggend probleem dat de hond angstig is. Angst is een heel breed begrip, een hond kan bang zijn voor een vuilnisbak als het schemert buiten, maar een hond kan ook bang zijn voor alles wat hij buiten tegen komt.

Verschillende vormen van angst

Om iets aan de angst van de hond te doen, moet uitgezocht worden wat de oorzaak van de angst is. Ruwweg onderscheiden we dan twee groepen, namelijk honden die plotseling bang zijn geworden en honden die van jongs af aan al angstig zijn. De angst kan algemeen zijn of heel specifiek.

Socialisatie

De meest voorkomende problemen komen voort uit honden die niet goed gesocialiseerd zijn.  In de socialisatieperiode, ook wel inprentingfase genoemd, leert een hond dat alles wat hij om zich heen ziet en hoort normaal is. Alles wat hij dan meemaakt zal hij in zijn latere leven herkennen als iets normaals. Deze periode is kritiek, dat wil zeggen, dat hij nooit meer overgedaan kan worden en dat de schade die oploopt in dit proces onomkeerbaar is. Met training kan een hond wel leren om te gaan met dingen die hij niet heeft geleerd in de socialisatieperiode.

De socialisatieperiode bij een hond begint al rond de 4 weken en duurt tot ongeveer 12 weken. Een hele belangrijke tijd van de socialisatie ( eerste socialisatiefase) speelt zich dus af bij de fokker. Het is dan ook van groot belang dat u een fokker uitkiest die de hondjes in huis laat opgroeien en ze blootstelt aan vele verschillende mensen , dieren, geluiden enzovoorts.  U krijgt uw hond als het goed is tussen de 7 en 8 weken oud in huis. De hond zit dan in zijn tweede socialisatiefase. U doet er dus ook zeer verstandig aan uw hond goed te socialiseren door hem vaak mee te nemen, hem bloot te stellen aan allerlei soorten honden op puppycursus en aan allerlei mensen. Er zijn socialisatieschema’s die u daarbij kunnen helpen zodat u niets vergeet. Belangrijk is natuurlijk dat de pup niet overvoert wordt met nieuwe prikkels en dat de nieuwe prikkels aangenaam zijn!

Gaat het mis in de socialisatie omdat de hond bijvoorbeeld nooit mannen heeft gezien, of een (zeer) onaangename ervaring met een man heeft gehad, dan is de kans groot dat de hond een angst ontwikkeld voor mannen, soms een bepaald type, alleen mannen met een pet op bijvoorbeeld.

Honden die in een schuur zijn opgegroeid kunnen bang worden voor allerlei dingen zoals mensen in het algemeen, ander soorten rashonden dan hij zelf is, paraplu’s, prullenbakken, fietsen, auto’s, noem maar op. Deze honden hebben een zeer stressvol leven en voelen zich zelden op hun gemak.

Angst door een onaangename ervaring

Het kan ook zijn dat uw hond is geschrokken van het dichtdoen van een container en in het vervolg containers mijdt. Of uw hond is geschrokken van een vrouw die een paraplu uitsteekt en wordt angstig bij het zien van een vrouw met paraplu.
Deze vorm van angst is makkelijker om mee te werken dat de angst die ontstaan is door slechte socialisatie.

Gevolgen van angst

Je angstig voelen is een hele nare ervaring. Het hart gaat er sneller van kloppen, adrenaline wordt aangemaakt, waardoor alle zintuigen op scherp staan. Een hond die angstig is, is vaak door de eigenaar moeilijk te bereiken, omdat de hond alleen maar bezig is met het object waarvoor hij bang is. Om de hond uit die angst te halen is het weghalen van de hond bij het object waar hij bang voor is de beste oplossing op dat moment.

Angst kan ervoor zorgen dan honden gaan uitvallen, we noemen dit angstagressie. Angstagressie is de meest gevaarlijk vorm van agressie. ‘Een kat in nood maakt rare sprongen.’ Dit gezegde geldt niet alleen voor katten, maar eigenlijk voor alle dieren.
Angstige honden die gaan grommen of blaffen merken vaak, dat door hun geblaf hetgeen waar ze bang voor zijn weggaat.
Een hond die bang is voor mensen en gaat blaffen als hij ze tegenkomt heeft altijd succes met zijn geblaf. De persoon loopt door, of de baas loopt snel door. Bij de prullenbak waar de hond woest tegen blaft, loopt de eigenaar gauw verder. De hond leert: blaffen werkt!
Hierdoor kan een angstige hond, steeds zekerder van zichzelf worden, het blaffen heeft effect, het nare gaat weg en de hond voelt weer controle over zijn omgeving.

Wat te vooral niet te doen bij angst

Straf een angstige hond nooit als hij blaft of gromt, corrigeer hem niet met de lijn. Gebruik geen slipkettingen of ander correcties waar pijn aan te pas komt, dit zal uw probleem alleen maar erger maken.
Stel u bent een nog een kind en u bent bang voor katten. Iedere keer als u een kat ziet, probeert u de kat weg te jagen door er op af te lopen en ‘ksssst’ te zeggen. Nu is uw vader of moeder dat helemaal zat en iedere keer als u op een kat afloopt krijgt u een draai om uw oren. Wordt uw angst voor katten hierdoor minder? Gaat u katten leuk vinden of krijgt u nog een grotere hekel aan katten? Want niet alleen bent u bang voor ze, als u ze ziet, leveren ze u ook nog een draai om uw oren op!

Zo werkt het ook bij honden, als zij iedere keer dat zij het enge object zien straf krijgen, gaan ze het enge object koppelen aan de straf. Kortom: het enge object wordt nog enger en moet blijkbaar met nog meer bravoure bestreden worden.

Wat wel te doen bij angst?

Probeer ten eerste te achterhalen waardoor de angst ontstaan is.
Als u dat eenmaal weet zijn er een aantal manieren om de hond te laten wennen aan een eng object.
Een voorbeeld is ‘desensibilisatie’ oftewel de hond in stapjes laten wennen aan het enge object.
Stel uw hond is bang voor de container. U gaat met uw hond op een afstand staan waarop uw hond nog niet reageert, ook niet met staren (fixeren), en daar gaat u simpele oefeningetje met uw hond doen, zit, af, leuk kunstje, en dan spelen. Gaat dit helemaal goed, dan gaat u een stapje dichterbij het enge object, echt een kleine stap! Want het moet goed blijven gaan. U herhaalt de oefeningetjes en speelt weer. Zo zet u telkens weer een stapje naar voren. Maar gaat u af en toe ook eens een stap of twee stappen terug! Dit is omdat sommige honden al heel snel doorhebben waar dit spelletje op uitdraait, namelijk steeds dichter naar het enge object en dat willen de hond helemaal niet. Om het dus onvoorspelbaar te houden, gaat u ook af en toe een of twee stappen weer weg van het object.

Oefen nooit langer dan zo’n acht minuten. Daarna gaat u gewoon weer naar binnen. Een uurtje later kunt u de oefening weer herhalen. U begint dan op het punt waar u geëindigd was. Belangrijk zijn dus de kleine stapjes, zodat uw hond niet ineens angstig wordt. Gebeurt dit wel, dan moet u weer opnieuw beginnen.

Angst voor andere honden en/of mensen

Deze vorm van angst is moeilijk te trainen. Mensen lopen namelijk altijd door, waardoor de hond succes heeft met zijn blaffen en grommen naar mensen of dieren die hij eng vindt.

Het is dus van belang dat als u van deze angst af wilt komen u een situatie zelf moet naspelen met mensen die op de hoogte zijn van uw oefening. In die zin werkt het hetzelfde als met de angst voor een object. Alleen heeft u nu met mensen en dieren te maken en is veiligheid voor zowel uw dier als de andere dieren en mensen de eerste zorg.

Ik raad u daarom aan in gevallen van angst voor mensen of andere dieren contact op te nemen met een hondenschool of gedragstherapeut. Die kunnen samen met u op een veilige manier oefenen.

Ben er snel bij

Hoe minder diep geworteld de angst zit, hoe sneller het door training weer goed te krijgen is. Wacht dus nooit te lang met hulp vragen.
Hoe langer de hond angstig is, hoe meer overtuigd hij is van zijn angst. Daarom is snel ingrijpen noodzakelijk.

Medische oorzaak

Bij honden die plotseling ergens bang voor zijn geworden kan ook een medische oorzaak een rol spelen. Honden die pijn hebben zijn over het algemeen angstiger. Het is altijd van belang dat u uw hond medisch laat nakijken voordat u aan een training begint, zodat medische oorzaken uitgesloten kunnen worden.
Daarnaast kunnen kalmerende medicijnen een rol spelen bij het oplossen van het probleemgedrag. Kalmerende middelen lossen het probleem echter niet op, u zult altijd ook een training toe moeten passen. Past u ook op voor kalmerende middelen die een spierverslapper bevatten. De hond ziet er dan niet angstig meer uit, maar voelt zich nog steeds heel angstig, hij kan er alleen niet op reageren! Dit maakt de angst uiteindelijk nog veel erger.

Margje Koster
Trainer, Gedragsdeskundige